de babes welkom bij de Babysit Babes

kort verhaal: OPVALLEN EN AFGAAN

Nikki had net een sms-je verstuurd naar Lisa en wachtte tot ze bericht zou terugkrijgen. Frans. Bah. En met zo’n hypernerveuze lerares als Nuyts voor de klas schoot het al helemaal niet op. Dus was het extra leuk om sms’jes te versturen. Alleen, dat mocht natuurlijk niet en daarom gebruikte Nikki een veelbeproefde techniek: ze had haar mobieltje in haar etui gestopt en legde hem zo neer dat de lerares niet in de gaten had dat ze zat te sms’en. Nikki had het geluid uitgezet: wie gesnapt werd met een mobieltje dat aan stond was ‘m een week kwijt. Sommige leraren liepen door het lokaal en keken met arendsogen rond en dan viel er weinig te uit te halen, maar Nuyts had het vooral druk met zichzelf.

Vandaag was Nuyts weer erg op dreef. Ze liep steeds heen en weer tussen de deur en haar tafel en knipte nerveus met haar vingers. Nu stond ze voor het bord en tikte er met een krijtje op. “Wat doet ze toch weer zenuwachtig,” mompelde Nikki tegen Moniek. Die zat naast haar en tekende schoenen in haar agenda. Nikki wees op een laars. “Leuk, die hak zo. En zo’n gesp, dat...”

“Moniek, qu’est-ce que tu fait?” Opeens stond de lerares naast hun tafels en tikte ongeduldig met een spitse nagel op het tafelblad. “Onmiddellijk stoppen daarmee! Agenda weg!”

Met een zucht sloeg Moniek haar agenda dicht en schoof haar Franse boek eroverheen.

“Nee, ik zei wég,” zei de lerares nadrukkelijk en bleef wachten tot Moniek haar agenda in haar tas had gestopt. Nikki hield haar adem in toen haar mobiel trilde omdat er een sms’je binnenkwam. Het display lichtte zelfs heel even op – nog een geluk dat hij op zijn kop lag en het lichtje nauwelijks te zien was!.

“Je kunt beter opletten, Moniek. Jij ook Nikki. Je staat niet erg goed voor Frans, dus in plaats van met je etui te spelen wil ik voorstellen dat je voor het bord komt om wat zinnetjes op te schrijven.”

“O, dat hoeft niet hoor,” zei Nikki luchtig. “U kunt dat vast net zo goed als ik.”

De grap sloeg in als een bom en iedereen begon te bulderen van het lachen. Iedereen – behalve Nuyts. Op haar voorhoofd verscheen een diepe rimpel en opeens werd ze vuurrood en snauwde: “D’r uit! Ga je melden bij meneer Wierdering. Onmiddellijk! Brutaal kind!”

“Maar juffrouw...,” begon Nikki die niet begreep waarom ze zo kwaad werd. Het was toch maar een grapje?

“D’r uit! D’R UIT!” gilde Nuyts bijna. Het gelach in de klas verstomde en de leerlingen keken elkaar verbijsterd aan. Nuyts, die uit haar slof schoot? Dat gebeurde echt nooit! Maar de lerares was door het dolle heen. “D’R UIT!” Met vonkende ogen griste ze Nikki’s spullen bij elkaar. Het was alsof ze Nikki zo snel mogelijk het lokaal uit wilde hebben en ze zou daarbij zelf nog wel een handje helpen als dat het proces bespoedigde.

“Hé, mijn spullen!” Nikki graaide naar haar etui, maar het was al te laat. Het mobieltje gleed uit de etui en kletterde van de tafel op de grond waar het in een paar grote stukken kapot viel.

“Mijn mobiel!” gilde Nikki. “Kijk nou wat u doet!”

“Mobiele telefoons zijn verboden in de klas!” Nuyts liep onderhand paars aan. “Pak je troep op en verdwijn! Ik wil je niet meer terugzien in mijn klas!”

Nikki deinsde achteruit en griste de stukken van de telefoon van de grond. Met moeite kon ze haar tranen terugdringen. Hij was écht kapot. Het was niet alleen maar het omhulsel dat in stukken op de grond lag – het display was gebroken en piepkleine scherfjes glinsterden op de linoleum vloer. Ze propte de delen in haar etui en met haar tas in haar ene hand en haar etui in de andere rende ze het lokaal uit. Ze snelde het schoolgebouw door, rukte haar jas van de kapstok, rende door naar de openstaande deuren van de hoofdingang en ze stopte pas toen ze bij haar fiets stond, waar ze tranen voelde opwellen.

Met trillende vingers haalde ze de stukken van het mobieltje tevoorschijn en bekeek ze. Daar was echt niets meer mee te beginnen. Wat een afgang – ze kon wel janken.

“Hé Nikki,” hoorde ze opeens achter zich. Nee, hè! Ze verstijfde. Dat moest er ook nog bij komen: Cas Hendriks. Vlug stopte ze de stukken van het mobieltje in haar jaszak.

“Is Frans uitgevallen?” vroeg haar klasgenoot met zijn lage, lome stem.

“Nee,” zei Nikki, bleef met haar rug naar hem toe staan en veegde snel met haar mouw over haar ogen.

Maar Cas zag het. “Wat is er? Huil je nou?”

Nikki slikte en schudde van nee. “Niks aan de hand,” loog ze, draaide zich naar hem toe en om te voorkomen dat hij door zou vragen, zei ze: “Heb je gespijbeld?”

“Welnee, ik kom van de tandarts,” legde Cas uit. “Ik zet net mijn fiets weg en zie jou naar buiten komen. Wazzup?”

“Niks, ik kreeg een vuiltje in mijn oog,” antwoordde Nikki snel en stak haar handen in de zakken van haar jas.

“O, ik dacht al... Ik heb jou echt nog nooit zien huilen, het leek me al niet echt,” zei Cas. ‘Slim gedaan. Nuyts trapte er zeker in?”

Verward keek Nikki hem aan. Wat zei hij?

“Wat kijk je nou raar?” Hij glimlachte en knikte langzaam en begrijpend. “Denk je dat ik niet in de gaten heb dat je altijd naar mij kijkt?”

Pardon? Nikki kneep zo hard in een van de stukken van haar mobieltje dat ze zich sneed aan de scherpe rand.

“Au!” Ze rukte haar hand terug uit haar jaszak en zag een venijnige snee in haar duim waar een druppeltje bloed uit opwelde.

“Wat is er?” informeerde Cas lijzig.

“Ik snij me aan mijn mobieltje!” Nikki siste, trok een papieren zakdoekje uit haar andere jaszak en hield die op haar duim. “Hij viel kapot in de klas en...”

“Hou op zeg. Geef het maar gewoon toe,” onderbrak Cas haar. “Ik heb al lang gemerkt dat jij verliefd op me bent.”

“Watte?” Nikki vergat haar hand en keek hem verbaasd aan. Waar haalde hij dat vandaan? Maar Cas boog zich iets naar haar toe en zei: “Dus Nikki, dit is echt niet per ongeluk. Je hebt ervoor gezorgd dat je de klas uit kon omdat je wist dat ik rond deze tijd weer op school zou komen. Je hebt me hier op staan wachten, hè?”

“Doe niet zo achterlijk!” bracht Nikki uit. Nou ja zeg! Van alle onzin die ze ooit te horen had gekregen was dit wel het...

“Je speelt het wel goed, dat moet ik zeggen,” zei Cas. “Net doen of je niet gehoord hebt dat ik gisteren in de klas heb gezegd dat ik naar de tandarts moest, neptranen tevoorschijn toveren, en als klap op de vuurpijl ook nog een ‘levensgevaarlijke’ wond... tjonge jonge. Wat een hoop gedoe om op te vallen.”

Overdonderd staarde Nikki Cas aan. Dit was toch niet te geloven? Goed, Cas zag er lekker uit en hij kon grappig uit de hoek komen, met van die rake opmerkingen waar de hele klas om lachte. Nikki moest toegeven dat ze hem vaak ook leuk vond.

Maar niet nu. Hij donderde met een noodvaart van dat voetstuk af. Wat een eigendunk, ongelooflijk!

“Maar goed, ik hou wel van een meisje dat zich een beetje uitslooft,” zei hij met een waarderend knikje en zette een stapje naar haar toe. “Voor wat hoort wat.”

Hij ging toch niet... getver! Hij wilde haar zoenen! Nikki deinsde naar achteren, tegen haar fiets aan en kon nog net op tijd zijn mond ontwijken. “Ben je helemaal besodemieterd!” riep ze en dook opzij. Cas zoende de lucht met getuite lippen, verloor zijn evenwicht omdat er niemand was om te zoenen en viel naar voren. Hij worstelde met Nikki’s fiets om niet tegen de grond te kwakken – wat een stom gezicht! Een vreselijke lachstuip borrelde bij Nikki omhoog. Over afgaan gesproken!

“Sorry, maar ik heb geen belangstelling,” zei Nikki, trok haar tas met zich mee en liep vlug de school weer in. Niet achterom kijken, anders schoot ze in de lach... Meteen liep ze de toiletten in.

Ze bekeek zichzelf in de spiegel. Haar haren zaten in de war door de wind buiten, en haar ogen waren maar een klein beetje pafferig: de schade viel mee. Toen vloog de deur open en daar kwam Moniek binnen. “Ha, ben je hier! Hoe gaat het?” vroeg ze meteen zorgelijk.

“O, goed hoor!” Nikki keek haar aan en grijnsde. Die telefoon, dat was balen, maar Cas – mooier dan dat kon ze het niet krijgen. Soms verbleekte je eigen ellende bij de afgang van anderen. “Beter dan je zou denken,” lachte ze. Ze stak haar arm door die van Moniek. “Je hebt mensen die opvallen, en mensen die afgaan. Kom, ik heb je wat te vertellen over de populairste jongen uit de klas...”

***


Dit korte verhaal werd eerder gepubliceerd in de Tina.

De Babysit Babes boeken zijn geschreven door Els Ruiters en worden uitgegeven door uitgeverij Ploegsma, Amsterdam.

Aantal bezoekers sinds juli 2008: